Externe body

In 1994 kwam het boek 'Flytyers Masterclass' uit van Oliver Edwards. Daarin stond een Meivlieg (Mohican Mayfly) die op de zelfde wijze werd gebonden, idee gejat? Ondanks dat vermoedde werd het idee van Oliver bejubeld. Het bleek echter dat het drijfvermogen niet goed was, want de vlieg kantelt, ligt vlak op het water, omdat de lange vleugel van hertenhaar topzwaar is. De haak moet onder de body zitten, die dus op de haaksteel wordt gebonden en dan als balans fungeert bij het drijven van de vlieg.

Na lang experimenteren werd het idee geboren om een body te maken met secondelijm, weliswaar lastiger te maken, maar wel veel mooier en vooral degelijker. Door een simpele handeling kan je bovendien een fraaie body ribbing aanbrengen. Op de laatste Fly Fair zag ik weer dat er body werden gebonden van twee stripjes Polycelon waardoor ik de indruk kreeg dat de lijmmethode nooit de aandacht heeft gekregen die het verdient, vandaar deze herhaling van het artikel dat al eerder op FF info heeft gestaan.

Externe body’s, hoe maak je ze?
Externe body’s werden jaren geleden al voor Meivliegen ingebonden. Ze werden toen uit kurk gesneden of er werd een stuk vliegenlijn voor gebruikt. Vliegen met zo’n body’s dreven soms perfect, maar waren wel grof. Ook van samengebundelde elandharen zijn ze te maken.
De verfijning en bindtechnieken gingen steeds verder en men ging body’s maken van foam. Denk  aan de body die Oliver Edwards maakt van foam voor zijn Mohican Mayfly. Een fraai ontwerp, maar door het gewicht van de vleugel van hertenhaar drijft de vlieg niet correct. De vlieg is topzwaar en ligt met de vleugel plat op het water.
De balans van een vlieg staat en valt met de gewichtsverdeling. Als het haakgewicht zich onder de vlieg bevindt, blijft de vlieg rechtop drijven, dus in de goede stand.
Met behulp van componentenlijm en Larva lace zijn in het verleden wel eens externe body’s vervaardigd. Daarover waren velen heel enthousiast, maar plastic is zwaar en vliegen met een body van plastic zinken als een baksteen.
Kunstvliegen binden met een externe body staat nog steeds in de belangstelling In mijn boeken ‘Stijgnimfen ‘en in ‘Vliegen & vliegvissen’ staan bindpatronen van zulke vliegen beschreven. De bindtechniek in ‘Stijgimfen’ is gebaseerd op het binden met Polycelon. Vliegen, gebonden met dat materiaal dreven heel goed, maar Polycelon is vrij zacht. Daardoor vervormt de body na verloop van tijd. Als met de vlieg veel vis wordt gevangen is de body plat, daardoor drijft ze minder goed. De luchtcellen van het foam vervormen.
Met Crepla, dat in een hobbyzaak verkocht wordt als rubberplaat, is dat probleem uit de wereld. Het is harder, maar voor het binden van zo’n body is er wel een ander bindtechniek nodig. Na veel experimenteren bleek het mogelijk om een body van een foamstrip van Crepla en secondelijm op een naald te maken.
 
Danica
Wel moeilijker, maar het resultaat is mooier en met behulp van wat truckjes ook realistischer. Hoe je ze van Polycelon maakt en van een Crepla strip zijn in dit artikel afgebeeld.

 

 

Vleugel materiaal
Intussen is er bedrukt vleugel materiaal op de markt, maar nog steeds wint de bunchvleugel het omdat die zich niet als een propeller gedraagt en je leader niet ruïneert en veranderd in een kluwen nylon. Bunchvleugel kan je binden van Polycelon of hackle fibers, keuze in overvloed.
Op de volgende foto zie je een verschillende body’s waarvoor verschillende bindtechnieken is gebruikt.

 
De bovenste, op de foto, is de body van Polycelon en gebonden volgens de manier die in ‘Stijgnimfen’ staat. In het midden zie je een body van Crepla die op dezelfde wijze is gebonden. Daaronder zie je er een die op de zelfde wijze is gebonden zoals beschreven is in het boek van Oliver Edwards en in mijn boek.
Intussen ligt het bedrukt vleugelmateriaal in de winkel. Het was iets nieuws dat door een Zweeds vliegbinder is bedacht. Het binden met die folie vleugels is een opzienbarende verandering. Die voorbedrukte folievleugels kan je inbinden voor een eendagsvlieg, sedge, een steenvlieg enz. De kans is groot dat ook deze vleugel constructie zich als een propeller gedraagt.
De wijze voor het maken van een body die de Zweedse vliegbinder gebruikt voor zijn vliegen met dat foliemateriaal wijkt nagenoeg niet af van de bindtechniek die in ‘Stijgnimfen is beschreven, met Polycelon.

Eerst wordt er een wigvormige strip Polycelon gesneden.
Aan de smalle kant snijd je het foam dunner 

Op de punt van een naald wordt eerst het binddraad vastgezet, waarna de strip met het
dunne gedeelte wordt ingebonden. Het foam is terug geslagen, de binddraad om het foam gewikkeld
waardoor  het eerste bodysegment ontstaat.

De binddraad wordt verschoven en steeds weer op de naald in de richting van de vice gewikkeld.

Met twee foam strippen gaat het niet anders.

Een of twee foam strippen prik je op de punt (nadat je de staartsprieten hebt in gebonden). De binddraad wikkel je een maal om het foam.

Nu verplaats je de binddraad  die weer om de foamstrip wordt gewikkeld.
Het tweede bodysegment is nu ontstaan.
Herhaal dat enige malen en je hebt dan een gesegmenteerde body.

 


Hoe werkt het met een Crepla strip en lijmmethode?
 

Wikkel op een naald een plasticstrip die gesneden wordt van een broodzakje.
Daardoor kan de body later gemakkelijker van de naald worden afgeschoven.

 Zet de binddraad vast op het uiteinde van de naald.


Snijd een dunne foamstrip en knip daar een schuine punt aan. Zet die op het eind vast.

Breng op het plastic secondelijm aan en ook spaarzaam op de foamstrip.

Wikkel de foamstrip stapelend in, dus de nieuwe winding half op de laatste. ( Op de foto is, vanwege de droogtijd geen lijm gebruikt!). Wikkel de strip in de natte lijm. De lengte van de boy is afhankelijk van het formaat vlieg.
 

Wikkel een draad om de body die met was is ingesmeerd. Volgens met een watervaste viltstift bovenop vlekken aanbrengen. Gelijk afvegen met een lap als je het niet te donker wilt hebben. De gewaste draad verwijderen, nu is een ribbing ontstaan

Als de lijm droog is kan je de body van de naald trekken, aan het eind schuin snijden en inbinden op de haak. Met deze mogelijkheden kan je  een externe body te binden. Externe body’s zijn er niet alleen voor Meivliegen, maar je kunt ze ook voor kleinere eendagsvliegen inbinden en voor emergers zoals die van een sedge.

 


 
Voorbeeld van een Bibio

 
De lijmmethode vraagt wel om enige oefening en precisie, maar dat hebben vliegbinders wel in de vingers.

Het eindresultaat van een gelijmde body is veel fraaier dan als die met foam strippen wordt gemaakt!?