Over vleugelmateriaal gesproken

Er zijn veel mogelijkheden bedacht om vleugels in te binden voor allerlei type kunstvliegen. Dat wordt al heel lang gedaan. Of ze nodig zijn is misschien de vraag?


Voor sommige kunstvliegen zijn ze onmisbaar zoals voor grote en kleine streamers en natte vliegen. Er zijn wel eens discussies gevoerd of ze nodig zijn voor droge vliegen. De meningen zijn daarover verdeeld, de één is daar een voorstander van, maar er zijn vliegbinders die dat niet nodig vinden. Het lijkt me dat een vleugel het silhouet van een vlieg aanmerkelijk verbeterd. Ik moet echter bekennen dat ik soms ook goed vang met een kleine hacklevlieg die geen vleugel heeft. Dan heb ik het over vliegen gebonden op haak 16 en kleiner.

Eeuwen geleden is er al begonnen met vleugels in te binden voor de eerste kunstvliegen. Daarvoor werden veerstrippen genomen uit een linker- en rechterveer, die uit de slagpennen werden gehaald van een eend en andere vogels. Voorbeelden zijn de kunstvliegen die Dame Juliana Bernes bond in 1496.

Deze tekening van een visser heb ik gekopieerd uit ‘Vissen…Vliegen…Vangen. Hij is waarschijnlijk uit een oud Engels boek gehaald. Het is een man, maar ik heb de tekening gewijzigd en er een dame gemaakt. Het is bedoeld als ode voor Dame Juliana Bernes die gezien kan worden als eerste auteur van een boek over het vliegvissen en kunstvliegen.

Vleugels van veerstrippen zijn nog steeds populair voor natte vliegen. In Engelse bladen tref je met regelmaat natte vliegen aan die ze hebben. Ze ogen goed maar het probleem van dit type vleugel is dat ze veranderen in een vormloos geheel als er met zo’n vlieg een vis is gevangen. Je krijgt ze ook bijna niet meer gemodelleerd.

Veel later vond een grote verandering plaats met de ontdekking van kunststofvezels. Het was de Amerikaan Ray Bergnman die het geniale idee had om fibers of vezels voor een bunchvleugel te gebruiken. Dat was een goede verbetering want een bunchvleugel blijft goed in model.

Heel vaak wordt voor een bunch wing Antron vezels genomen, maar de vezels van Aero Dry Wing van de firma Tiemco winnen het want ADW is hol. Het heeft ook een eigen drijfvermogen en zo’n vleugel is ook lichter. Een nadeel is wel dat dit materiaal veel duurder is dan een kaartje Antron, maar met een kaartje ADW doe je wel heel lang. Je kan er heel veel vleugels van maken.

Voor een bunchvleugel leent het Z- lon zich ook heel goed. Dat was een tijdje moeilijk verkrijgbaar, maar je kunt het nu weer bestellen via de webwinkel Bluewaterfishing.nl waarvan je het adres op deze site vindt. Z- lon is een kunststofvezel dat een glimmede eigenschap heeft waardoor het goed opvalt. Verderop lees je wat daar het voordeel van kan zijn.

Niet alleen lenen kunststofvezels zich voor een bunchvleugel. Een bunchvleugel kan je net zo goed van een toef fibers maken die je uit een borstveer knipt van een vogel. Voorbeelden zijn; fibers uit een veer van een woodduck, taling. mallard, emoe en goudfazant. Fibers van veren worden op dezelfde wijze ingebonden als een toef vezelmateriaal; in een v-vorm of een enkele toef fibers. Het inbinden is vrij eenvoudig, de moeilijkheid is alleen om de juiste lengte van het materiaal aan te houden. Als een enkele toef inbind van vezelmateriaal, kan je die op de gewenste lengte knippen. Dat gaat lastiger met een toef hackle fibers waarvan je een dubbele of enkele bunchvleugel bindt. Als de bunch te lang is, is de verhouding van de vlieg en de vorm niet goed. Een richtlijn is om de bunch maar achteren, dus over de haak te leggen en ze zo lang te houden als de haak lang is, maar dan wel wordt de bocht van de haak meegerekend.


Deze truck gaat alleen op bij haken die 1x lang zijn.

Je ziet wel eens vleugels op vliegen van hackles. Hiervoor neemt men de wat grotere hackles die men dan in model knipt. De stukken middenpen zitten dan centraal in de vleugels.

Voor grotere vliegen tot en met haak 12 is dat een mogelijkheid, maar als je ze kleiner bindt wordt het lastiger. Daarbij blijft het niet, want als die vleugels groter zijn, zijn ook de stukken middenpen hard en stug. Ze prikken in de bek van een vlagzalm of forel en dat zou weleens de oorzaak kunnen zijn dat vis de vlieg uitspuugt. Zelf vind het een slechte oplossing voor een vleugel dus gebruik ik ze niet.

Een andere mogelijkheid is om vleugels in te binden zijn de punten van hackles. De beste komen uit een India-skin. Hackles uit een skin van topkwaliteit komen zijn te goed. Die zijn te spits zijn en niet zo breed als de hacklepunten van een hackle uit een India-skin.

Met de komst van kunststoffolie kwam er een nieuwe mogelijkheid voor het inbinden van vleugels. Er zijn daarvoor in de afgelopen dertig jaar enorm veel, bruikbare en onbruikbare folies op de markt gebracht. Voor gestanste vleugels, folie waarop vleugel vormen zijn gedrukt en die je uit moet knippen. Dat is Organza, en de vleugel die je daaruit knipt zijn functioneel maar wel wat stug voor kleine vliegen en dus niet overal voor geschikt. Er zijn verschillende folies van allerlei plastics en vlies dun schuimplastics zoals het folie dat in de winkel verkocht wordt en door Ritt-Mailing op de markt wordt gebracht.

Ideale folie voor vleugels is dun, maar wel stijf genoeg, zodat het goed in model blijft. Het liefst heb ik dan nog dat het een iriserende gloed heeft net zoals de vleugels van eendagsvliegen die dat ook hebben.

Raffia vind ik nog steeds weergaloos materiaal voor vleugels omdat het is heel fraai geaderd en vlies dun is. Van de vleugels blijft alleen niets over als het nat is want dan wordt het slap en de vorm verdwijnt. Raffia is ook kwetsbaar en niet iriserend.

Op de cover van ‘200 Vliegbindtips’ is een foto geplaatst van een vlieg met een raffia vleugel. De vleugel is met cellulose lak behandeld om het te versterken en het te laten glimmen, maar het resultaat is dat het materiaal heel hard en stug is.

In het verleden heb ik al heel veel proeven genomen om raffia te bewerken en er ideaal vleugelmateriaal van te maken. Dat is met veel moeite vrij aardig gelukt.

De wens was;

- raffia als vleugelmateriaal, maar dan met een iriserende gloed

- het mocht niet verschrompelen als het nat werd

- na het vangen van een vis moest de vleugel het goed in model blijven

- het liefst vliesdun en heel licht

Ik had weleens een speurtocht ondernomen om soortgelijk materiaal ergens te kopen, maar dat leverde helaas niets op. Er was niets wat daarop leek. Dus zat er maar een ding op; zelf iets samenstellen. Met een strijkijzer streek ik een stuk lichtblauw raffia glad. Bij Overtoom kocht ik waterbestendige spuitlijm van 3M.

Ook kocht ik oliefolie, je weet wel wat bloemisten gebruiken op boeketten in te pakken. Het raffia plakte ik op het oliefolie met behulp van de spuitlijm. Als je dat goed doet zit het heel goed vast. Nadat de lijm is gedroogd, behandel ik het raffia met was, zodat het bijna geen water op neemt. Het resultaat is fraai.

Raffia geplakt op olie folie en daarna gewast. Vliesdun en iriserend

Eerst op folie tekenen en uitknippen

Van dit materiaal zijn schitterende vleugels te binden voor droge vliegen en ook voor het binden van suggestieve vliegen is dit geweldig.

Iriserend vleugel materiaal valt buitengewoon goed op en vissen willen kunstvliegen met zo’n vleugel wel nemen. De bekende Amerikaanse bioloog en vliegvisser Garry Borger schreef hierover.

Voor het maken van de vleugels van Grey flag, een sedge die vaak voorkomt, plak ik geen raffia op oliefolie maar grijze Fly Wing, waarvan ik gelukkig nog iets heb. Tiemco heeft dat helaas uit het assortiment genomen. Het is vliesdunne kunststoffolie maar niemand wist wat hij er mee kon doen want het is te dun en vervormt heel snel.

De Fly Wing op oliefolie geplakt is geweldig voor vleugelmateriaal voor deze sedge imitatie.

Inbinden van een folie vleugel

Als een folie uit folie wordt geknipt hebt je de volgende gefotografeerde vorm en moet je die op de body binden. Wanneer je dat volgens de standaard manier doet is het niet ondenkbaar dat je de vleugel onder het binddraad uittrekt en verliest.

Uit folie geknipt en met een watervaste stift van adres voorzien dubbelgevouwen vorm

Bind de vorm, als die dubbel is gevouwen, bij de punt in. De vouw ligt dan over het haakoog en de vorm wijst naar voren. Dan vouw je hem terug en dan wijst de vleugel naar achteren. Met binddraad wikkelingen zet hem dan weer vast en de vleugel kan je dan niet meer verliezen. Dit zijn slechts enkel voorbeelden voor het binden van vleugels op een vlieg, stellig zullen er meer zijn.