Foamstory

Een stokpaardje van hem, zal je misschien denken en dat geef ik dan direct toe, maar met foam zijn zoveel leuke en nieuwe dingen te doen. Het leek me dan ook de moeite om daarover iets te schrijven. Met foam zijn namelijk vliegen of delen van vliegen te binden die met andere materialen niet zo interessant zijn. Je kunt er zelfs drijvende vliegen of nimfen van binden. Dat zal in dit artikel worden belicht. Laat ik eerst ingaan hoe dat foam geïntroduceerd is. 

 

Lang geleden, in 1965, had  ik de vertegenwoordiging van het Engelse bedrijf Veniard, zij leveren allerlei vogelveren voor het vliegbinden. In een nieuwe catalogus van dat bedrijf werd destijds Plastazote aangeboden, een hoog drijvend foammateriaal. Het waren witte blokken van circa 2,5 cm dik die een afmeting hadden van 8 x 12 cm. Dat materiaal was voor die tijd heel revolutionair.

 

Een gebruikt blok Plastazote

Iedereen bond toen met natuurlijk materiaal en niemand wist eigenlijk wat met dit foam aan te vangen. Er waren namelijk geen bindtechnieken. Destijds waren er wel vliegen met andere materialen gebonden, zoals bijvoorbeeld Meivliegen met een body van kurk. Er werden ook stukjes vliegenlijn gebruikt voor het binden van een body. Dat alleen maar om vliegen beter te laten drijven. Ondanks dat het er niet uit zag, was het idee zo gek nog niet. Kurk drijf voorbeeldig en in een mantel van een vliegenlijn zitten immers kleine luchtbelletjes waardoor die blijft drijven.

Ne verloop van tijd werden van het Plastazote allerlei creaties gebonden die op Chernobyl vliegen leken, afzichtelijke creaties die in de verste verte nergens op lijken. Ze vangen wel maar van mij hoeft het niet. Als ik zulke vliegen zie associeer ik ze met ‘ik wil wel maar kan niet beter’, maar ieder zijn smaak. Men begon van een blok Plastazote plakjes te snijden en daar body’s en andere delen van vliegen te binden. Dat was al een verbetering, maar dat snijden was lastig en de resultaten waren nog steeds pover.

De resultaten werden gelijk beter toen door Traun-River-Products het Polycelon foam leverde  Romen Moser introduceerde de ballon sedge met een dakje van dat foam, een vlieg die in de juiste stand blijft drijft. Hij is en wordt nog steeds veelvuldig nagebonden. Polycelon zette tot experimenteren aan en er werden allerlei technieken en techniekjes bedacht met dit uitstekend drijvend materiaal, ik schreef daarover in het boek ‘Stijgnimfen’. Soms gebruik ik nog die bindtechniek zoals die in het boek staan. Ook zie ik nog regelmatig kunstvliegen waarvoor die techniek wordtgebruikt. Ondanks alle goed drijfeigenschappen heeft Polycelon ook nadelen, zoals dat wel dat bij elk materiaal het geval is.

 

Na verloop van tijd vervormt dat materiaal, een body wordt plat en de vlieg drijft dan aanzienlijk veel minder dan één die nog niet gebruikt is. Na het vangen van een aantal vissen is de vlieg dan ook  aan vervanging toe. Geïnspireerd door allerlei ideeën van kinderen, die van het z.g. rubberplaat dingen knippen, ben ik daar mee gaan experimenteren.

Het blijkt dat dit materiaal veel harder is, maar het heeft wel minder luchtcellen. Het Crepla, zoals dat eigenlijk heet, is geen rubber maar foam wat drijft. Je kunt het krijgen als een plaat dat verschillende dikte heeft 1, 2 en in 3 millimeter en zelfs nog dikker.

 

Omdat het harder is laat het zich niet zo gemakkelijk in binden zoals het Polycelon, maar het vervormt niet. Er moesten wel andere bindtechnieken worden bedacht en truckjes om een vlieg aantrekkelijker te maken die met dat materiaal worden gebonden.

Allereerst bleek dat de oude vertrouwde wijze van inbinden, dus om een haaksteel wikkelen, het beste was om een taps gesneden strip te binden. Een heel groot voordeel van Crepla is ook dat het in verschillende aantrekkelijke kleuren te koop is, kleuren die voor vliegbinden interessant zijn. Ondanks die voordelen is een body van een Crepla strip stak en zonder ribbing, dus verzon ik een manier om een ribbing te krijgen. Na veel gepieker bedacht ik vier methoden die in boek ‘Vliegbinden & vliegvissen‘ zijn beschreven.  

Het beplakken van een foamstrip met dubbing, met CdC en andere fibers van veren, blijkt een succes te zijn bied vele mogelijkheden en variaties voor het binden van interessante kunstvliegen. Het is mogelijk om met een Crepla strip een extended body te binden voor droge vliegen.

Soms denk ik dat de ideeën met foam bij ons niet zo aan slaan. Dat is in de U.S.A. wel anders want daar ziet men wel het voordeel van foam vliegen. Sinds enige tijd worden een aantal bindpatronen van mij, die met een extended van foam worden gebonden, geproduceerd in Indonesië en in de U.S.A. verkocht.

 

De speurtocht naar opties met foam is hier niet bij gebleven. Want met een boormachientje en een buisje van messing als boor,  kan je uit Plastazote en ook uit een kunststofkurk van een wijnles mooie beige, ronde staafjes boren.

 

 

Ze zijn met een scheermesje door het midden te snijden zodat je twee halve ronde delen  krijgt. Staafjes van dat materiaal zijn hard en drijven uitmuntend.  De halfronde delen zijn voor een dekschildje van een nimf heel mooi. Ingebonden oogt dat mooier dan een plat stukje foam, uiteindelijk wil het oog ook wat.