Voorbereidingen

Wij vliegvisser zijn soms heel behoudend, als we eenmaal goed gevangen hebben met een bepaalde vlieg of vliegen vallen we daar steeds weer op terug. Niet zo gek, want we hebben daar immers altijd goed mee gevangen. Vangen is natuurlijk belangrijk, het hoort er bij maar vliegvissen is meer dan veel vis vangen alleen, het is een beleving.

 

Zelf vang ik ook graag veel vis maar ik vind het vooral een uitdaging om met een nieuw type of andere vlieg in een viswater waar ik nog nooit gevist heb, forel en vlagzalm te vangen. Het gebeurt wel dat ik met regelmaat naar het zelfde water terugga, maar dan moet het wel heel goed zijn. Hier zijn wel voorbeelden van bijvoorbeeld de Techl of de Ybbs, daar heb ik veel gevist. Maar er komt op gegeven moment een tijd, dat er wat iets nieuws uitgeprobeerd wordt. Vaak heeft het te maken met veranderingen of dat het gewoon te druk wordt. Helaas is de Teichl niet meer wat het is omdat daar zo nodig in het stroombed peilers zijn gezet voor een autobaan. De Ybss is een ander verhaal, daar vis je op een stuk van vier km met vier personen, maar als die toevallig als een raket door het water banjeren zijn veel stekken verpruts. Het ligt anders als je met drie vismaten gaat, die houden wel rekening met elkaar. Dit jaar is de keuze weer op Oostenrijks water gevallen en op foto’s ziet dat er zeer aantrekkelijk uit.

Ondanks het feit dat ik kunstvliegen genoeg heb, wordt er altijd weer wat bij gebonden. Daar zitten dan ook wat nieuwe bindpatronen bij die uitgeprobeerd moeten worden zoals de Bugs.

Deze zijn in een vorige bijdrage op de site te zien. Die zijn behoorlijk verzwaard, dus lijken ze op zinkende nimfen. Bugs zien er alleen iets anders uit. De body is heel stijl, taps opgebouwd door de basis van lood of koperdraad, en ze hebben een krans van zachte hacklefibers achter het haakoog die gemakkelijk kunnen bewegen. Dat kan een hackle zijn van een spreeuw, hen of andere watervogel. Hiervoor is zelfs CdC te gebruiken. De bedoeling is dat de fibers niet te lang zijn. Om dat te voorkomen kan je ze in een dubbinglus plaatsen en de lus inbinden.

Verzwaard type

Een Bug, die als een nimf wordt gevist, moet opvallen en dubbing zoals Spectra dubbing is daar heel mooi voor, maar er is meer kunststofdubbing die zich daar voor leent. Bugs zijn niet nieuw want ze lijken precies op de nimfen waarmee George Skues al 120 jaar geleden al viste. Het blijkt dat die manier van binden in het bekende vergeetboek is geraakt.

Zware nimfen zijn in veel gevallen uitstekend te gebruiken en vangen, denk maar eens aan de goudkopnimfen die ook diep gaan. Het hield me bezig om Bugs ook drijvend of zwevend te binden, zonder loodverzwaring want dat is dan ongewenst natuurlijk. Om toch dat steile verloop te krijgen moest er gezocht worden naar een vervanger en dat blijkt het Crepla te zijn. Het dichtcellig drijft goed en vervormt niet snel. Van een schuin gesneden stripje kan je een tapse body binden en daar over een dubbing wikkelen als je dat wilt.

Omdater in het grijze, drijvende type een hanenhackle achter het haakoog komt met relatief korte hacklefibers zal de vlieg lastiger te zien zijn in woelig water. Daarom heb ik een licht blauwe toef voor de body ingebonden van kunststof fibers. Het is kern van Mylar tubing die lichtblauw is geverfd met textielverf. De vezels zijn niet recht en geven een ruige indruk het lijkt op het begin van een vleugel die uit de body komt.

Drijvend type met vleugel

Drijvend type

De drijvende- en zinkende Bugs zien er aantrekkelijk uit en ze zullen dat er ongetwijfeld ook zijn voor vis.