Lus-techniek

Pinky Dubbinglussen zijn niet meer weg te denken in de techniek voor het binden van kunstvliegen. Je kunt die manier gebruiken voor het binden van verschillende kunstvliegen, bijvoorbeeld om er een body mee te binden van droge- en natte vliegen.

 

Daarmee is het ook mogelijk om sommige typen hackle fibers in te binden, bijvoorbeeld van een patrijs of andere vogel. Zelfs voor het binden van streamers zijn er mogelijkheden.

 

Het ontstaan van het idee

In het verleden werd het met ‘dubbinglus’ techniek betiteld, maar het gaat verder. Door allerlei ideeën van vliegbinders is het veel meer geworden dan alleen dat. De lus-techniek, een betere benaming, is een Nederlandse vinding die lang geleden bedacht is door de te vroeg overleden Hans Kietvits.

 

Hij demonstreerde het aan een Duitser en Zwitserse vliegvisser die het weer verder vertelde, op zich geen probleem ware het niet dat zij deze methode claimde als hun idee. Daar heb ik wat tegen. Marc Petitjean heeft het vercommercialiseerd en er wat ideeën aan toegevoegd. Intussen lijkt het erop alsof hij het bedacht heeft, maar niets is minder waar. Overigens heeft hij dat nooit beweerd, maar het publiek, vrienden en zijn clientèle maken dat er van. Eren die eren toekomt, dus petje af voor Hans Kivits.

 

Toepassingen

In begin werd de lus-techniek dus gebruikt voor het aanbrengen van dubbing tussen de draden van een lus, dus voor het maken van een herl. Als de lus ineen wordt gedraad met behulp van een dubbingtwister ontstaat er een herl met de dubbing. Het grote voordeel van de dubbingdraad is dat je niet afhankelijk bent van de hoeveelheid dubbing die je met duim en wijsvinger uit een verpakking neemt. Je doet een hoeveelheid in een lus, draait die ineen en je bind vervolgens de body. Heb je die gemaakt en blijkt dat de draad te lang is, kan je die vast zetten achter het haakoog.

 

De rest knip je af. Zo nodig kan je het teveel aan dubbing wat overblijft weer gebruiken. Een ander voordeel van de lus methode met dubbing is dat het gesponnen haar of bont degelijk tussen de draden geklemd wordt, zodat de body van een kunstvlieg niet zo gauw kaal wordt. Geen nadelen dus? Ja, een klein nadeel is er wel.

 

dubbing

 

Op beschreven manier ontstaat er niet zo’n ruige body. Dat krijg je wel als je dubbing op één draad spint; een manier die met de ‘enkeldraads’ methode wordt aangeduid. Een ruige body kan fraaier zijn als je natte vliegen bindt. De lus-technieken bedoeld, om een dubbingdraad van te maken, was nog maar het begin ik gaf het al aan.

 

Spoedig ontdekte vliegbinders de mogelijkheid om fibers van hackles in een lus te plaatsen en daar een herl van te maken. Fibers tussen draden geklemd zitten goed vast en ook die gaan er niet gemakkelijk uit.

Als je die in de lus zet hebt je ook invloed op de lengte van de fibers die vaak te lang zijn als je een hackle in zijn geheel inbindt. Vooral hackles van een patrijs, meerkoet of taling zijn lang waardoor de vlieg een afwijkende vorm krijgt.


De volgende ontdekking had een grote invloed op het binden van CdC fibers. Een Nederlandse vliegbinder zag dat in de USA tijdens een bezoek op een beurs waar hij vliegen bond. Hij zag een collega vliegbinder die een scherpe kant van een schaartje trok langs de middenpen van een CdC hackle waardoor die een kant op gingen staan. Hij ‘dubbelde’ de fibers op die wijze.

 

hackle dubbelen

 
De handeling is simpel, zoals de tekening aangeeft. Na het ‘dubbelen’ breng je de fibers in een lus en knip je vervolgens de middenpen van de hackle af. Gooi die niet weg want ze lenen zich uitstekend voor het nabootsen van de poten van een steenvlieg. De achter gebleven resten van de fibers kan je zo nodig nog trimmen. Je kunt in de pen een knoop leggen, die vast lakken of lijmen met secondelijm, en inbinden.

Een ander optie is om de fibers om fibers in een lus te zetten is een papierklem. Je zet de gedubbelde hackle in de klem en vervolgens in een lus die je dan dicht draait. Een hulpmiddel is om de draden van de lus in te smeren met was, dat plakt waardoor ze niet verschuiven. Heel lang is zijn daar wasstiften voor verkocht, dat werkt, maar vloeibare was kleeft beter. Let er op dat het flesje niet omvalt want dan heb je een knoeiboel.

Een lus van binddraad met fibers gebruiken we vaak voor droge vliegen. In plaats van het binddraad kan je ook dun koperdraad nemen als je een herl wilt voor nimfen body of natte vlieg. Zo’n herl is zwaarder, maar voor dat soort kunstvliegen kan het gunstig zijn.

Verschillend herls met dubbing zijn ‘kant-en-klaar’ te koop, maar zelf maken is leuker, bovendien worden de variatie mogelijkheden groter. Voor de doe-het-zelver worden in de winkel ‘dubbingblokken’ verkocht in verschillend uitvoeringen.

 

 

De meest functionele, die ik laatst op de voortreffelijke beurs in Charleroi zag, levert Jan Siman Fly fishing products.


 

Zoals de foto aangeeft kan je het blok in de voet van je vice zetten. Daardoor heb je beide handen vrij en… het blok verschuift niet. Wel iets duurder maar heel functioneel. Jan Siman kom je in dit najaar weer tegen op de beurs van de Vlaamse Vliegvissers in het Belgische Putten. De beurs zal dan op 22 en 23 november voor de vierde maal gehouden in het Gemeenschapscentrum Klein Boom, Mechelbaan 604 te Putte (tussen Mechelen en Heist-op-den-Berg - Be). Op FFinfo zal nog de juiste datum bekend worden gemaakt


Meer mogelijkheden

De volgende stap met een lus-techniek was het aanbrengen van kunststofvezels en bucktail tussen koperdraden. Voor het binden van streamers is bucktail in een lus van koperdraad een fraaie manier om een grote strammere binden met een grote waterverplaatsing.

Pinky

 

Het is alleen niet zo simpel om het bucktail in de draadlus aan te brengen, maar met wat ‘kunst en vliegwerk’ lukt dat. Om het stevig tussen de draden te klemmen zal je wat dikker koperdraad moeten gebruiken, bijvoorbeeld 0,2 of 0,3 mm dik.

koperdraad

 

Tekening uit ‘Vliegbinden&vliegvissen’ eerste druk 1992

 

Bijenwas is hierbij een uitstekend hulpmiddel. Houd de lus horizontaal als de bucktail in de lus zet, de kans dat het uit de lus valt is dan kleiner. Na het ineen draaien van de koperdraden ontstaat een herl met wijd uitstaande bucktail die je op een streamer haak kunt wikkelen. Je bind die in en na elke wikkeling trek je het haar naar achteren zodat er een regelmatig geheel ontstaat waarbij de windingen netjes voor elkaar liggen.

 

Daardoor staat het bucktail regelmatiger wijd uit. Bedenk dat je op die manier een streamer kan binden die veel waterverplaatsing en actie heeft en voor snoek een ultieme verleider is. Het werpen met zo’n vlieg is echter niet be-paald simpel, vooral als er wat wind staat.