Nimfjes

Het is bekend dat verschillende insecten, die interessant zijn voor vliegvissers, hun eieren afzetten in het water af zetten. 

Hier op de foto zie je sedges die zich op de waterspiegel hebben neergezet in het rustige water van een stromende rivier en hun eieren in het water droppen.

 

Met de insecten die bij en in stilstaand of zwakstromend water leven, zoals we dat hier hebben, gaat het niet anders. In een stromende beek of rivier vind je echter veel meer insectensoorten. De eieren pakketjes die in het water worden losgelaten komen op de bodem terecht of blijven aan waterplanten hangen. Na ongeveer een jaar, soms iets langer, komen uit de eieren nimfen die aan het begin van hun levensfase nog klein zijn en zich moeten ontwikkelen. Ze hebben die tijd nodig om de normale lengte bereikt hebben.Tijdens hun leven in het water zijn velen nimfen voedsel voor de altijd maar weer azende vissen.

 

Na hun ontwikkeling gaan de nimfen zich naar de oppervlakte van het water of zoeken de oevers op en we noemen ze dan emergers. Er zijn er die sterven maar uit de meeste komen gevleugeld insecten. De emerger zowel de gestorven dieren zijn ook voedsel voor vis.

De afmetingen van nimfen verschillen en is afhankelijk van het type. Lang geleden heb ik eens een uittreksel gekregen van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging voor natuurbeheer afgekort met K.N.N.V. ook wel het RIN genoemd.

In die documentatie zijn verschillende waterdieren en hun afmetingen afgebeeld en er staan ook enkele nimfen van eendagsvliegen met bekende namen die in het Nederlandse water voorkomen met hun Latijnse namen. Het zijn eendagsvliegen zoals de Ceanis robusta die we kennen als Anglers curse.

 

De vervelling van een Ceanis robusta

Wat ik in het overzicht van het RIN mis is de eendagsvlieg Cloeon Dipterum die ook veelvuldig in en bij weteringen en poldersloten voorkomen. Op de foto is een klokgaaf exemplaar afgebeeld dat zomaar mijn kamer binnen vloog.

 

 

Opvallend is de donkere kleur van dit exemplaar want normaliter zijn ze veel lichterbruin. Een aantal jaren geleden heb ik een imitatie van de nimf bedacht van deze eendagsvlieg waar ik veel vis mee heb gevangen. Daarvan heb ik er een aantal aan vrienden gegeven die er ook heel enthousiast over waren en ze hebben er goed mee gevangen. Ik denk dat dit de beste nimf is die ik ooit heb bedacht.

Het bindpatroon van deze nimf, de Sparkle nimf, tref je hieronder aan.

De volgende nimf is de Blue dun waarvan je de afbeelding hieronder ziet staan. Deze eendagsvlieg met de Latijnse naam Emphemerella ignata is heel bekend. Hij komt bijna in elk wat voor waar ook vlagzalm en forellen leven. De nimf van de Baetis rhodani, beter bekend als Large Red spinner, is al net zo bekend. Misschien spreken de Latijnse namen je niet zo aan, maar de volgroeide eendagsvliegen die uit de nimfen komen, zijn heel populair bij vliegvissers. Deze eendagsvliegen hebben al menig maal als voorbeeld gediend voor goed vangende bindpatronen van kunstvliegen. Je vindt bij en in beken en rivieren in het buitenland, net over de grens in Duitsland maar ook in andere landen met salmoniden biotopen.

 

In de documentatie van het RIN staan ook afbeeldingen en formaten van schietmotnimfen en muggen. Hieronder vind je enkele voorbeelden van die insecten.

                                

De nimf van een Ceanis is 8,5 mm lang  

 

 

 

De nimf van de Blue dun is 9,5 mm 

 

 

 

 

 

Nimf van de Larg Red spinner is 9,5 mm  

 

 

                                   

 

De afmeting van een Hydropsesyche,

de groene sedge nimf, is 17 mm

 

 

 

                                    

                             

En van een Rhyachphila nimf 25 mm lang

 

 

 

 

 

 

Het formaat van een vlokreeft is 22 mm

 

 

 

 

Dit zijn de maten van volgroeide dieren. Als je op een rechtstelige haak een imitatie bindt zal de steellengte zo lang moeten zijn als de vermelde maten. De steellengte van een Tiemco haak TMC 5263 of TMC 3761 met het nummer 16 komt overeen met de genoemde lengtemaat. Daarop kan je een Ceanis nimf binden. Dezelfde haken, maar met een nummer groter, kan je nemen voor een Blue dun of Larg Red spinner nimf. 

Een haak waar je een nimf op bindt met een gebogen vorm kan beter ook in overeenstemming zijn met de vermelde maten of kleiner. Dat geldt dan voor de sedge Hydropsesyche en de vlokreeft Grammarus pulex waarvoor een vrij grote haak kan worden gebruikt. Haken met het nummer 6 en 8 type TMC 2457 zijn hiervoor geschikt. Het haakgewicht van dat type is hoog maar dat kan een voordeel zijn omdat zulke imitaties diep worden gevist. Een klein nadeel vind ik het neerstaand oog. Ik denk dat een haak met een rechtstaand oog beter haakt. Haken met de TMC code zijn voorbeelden en dat type is bewust gekozen omdat die populair zijn en zijn ook in de genoemde maten te koop. Soortgelijke haken zijn vaak net zo goed. In een volgende bijdrage zullen nimfen van sedge weer eens aan de orde komen.

 Nimfen zijn vaak klein, maar er zijn uitzonderingen want de nimf van meivlieg Emphemera danica is vrij groot en komt in de buurt van 25 mm. Deze nimfen graven zich in en zijn veel interessanter als ze in het emerger stadium komen.

 

 

Ze worden dan met graagte door forel worden genomen net zoals de volgroeide insecten. In Ierland is dat de tijd om grote forellen te vangen.

 

Aanzienlijk veel kleiner dan de nimfen van de Danica zijn die van de steenklevers. Ze zijn in het overzicht van het RIN niet vermeld omdat ze niet in Nederland voorkomen. Steenklevers leven in de snel stromende stukken van een viswater en zijn een grote groep nimfen waaruit veel bekende en onbekende eendagsvliegen komen met bekende namen.

 

Steenklevernimf

 In het snelstromende stromende water houden zich met kleine nagels vast aan de algen die op de stenen groeien. Door forel worden van de stenen afgehaald. Ze zijn aangepast op hun leefmilieu want hun lichaamsvorm is gebouwd op de stroomdruk van het water. Opvallend zijn de drie gespreide staartsprieten, hier op de foto nog gedeeltelijk zichtbaar en ook de relatief forse kop met de grote ogen. De dieren hebben een platte bodyvorm en aan weerzijde van die body zitten kieuwen waarmee ze zuurstof uit het water ontrekken. Deze dieren zijn ook wat groter wat formaat betreft.De nimf op de foto is 10 mm lang. Op de foto zie je een exemplaar dat ik lang geleden gevonden heb bij het scheppen en determineren van insecten.

Naast de genoemde typen zijn er veel meer nimfen die eveneens in een volgend artikel aan de orde zullen komen. De afmetingen van de insecten in de documentatie van het RIN wekt de indruk dat wij vliegbinders onze nimfen vaak op grote haken binden? Je kunt je afvragen of dat wat uitmaakt, maar misschien kan je ze beter binden met afmetingen die overeenkomen met het het ware formaat? Zelf bind ik sommige nimfen ook groter, maar vang daar toch vis mee. In hoeverre een grotere nimf negatief kan zijn op vangresultaten blijft de vraag. Het is echter wel een punt ter overweging bij het maken van een imitatie.

 

Spectra flash nimf

 

  

Materiaal

Haak                          : langstelig 14 of 12

Binddraad                   : bruin 8/0

Staart                         : patrijsfibers

Ribbing                       : smal goudtinsel

Body                           : beige dubbing van een haas (buikzijde)

Thoraxdekschild           : iriserend folie materiaal (bv. Spectra stretch Jiri Klima products)

Thorax                         : dubbing van een haas (rugzijde)

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Wikkel de binddraad naar de haakbocht en bind het staartmateriaal in en het tinsel. Maak een dubbinglus en breng daarin dubbingmateriaal aan. Maak een winding van de dubbing en zorg dat het tinsel daar voor uitsteekt. Bind van de dubbing de body, tot de helft van de haaksteel en zet de dubbinglus vast met de binddraad. Rib de body en zet dat ook met de binddraad vast. Zet nu een strip iriserend materiaal op. Maak een ovale thorax van de donkere hazendubbing en bind de iriserende strip daar strak overheen en zet ook dat achter het haakoog vast. Maak twee afbindknopen en lak die af.

 

Flash nimf

 

 

Materiaal

Haak                           : langstelig nr. 18 of 14

Binddraad                    : bruin 8/0

Staart                         : drie grijze fibers uit een ministruisveer

Body                           : taps van een groene strip Flex body

Hackle                         : patrijsfibers in een dubbing lus

Thoraxdekschild           : stipje dun bruin leer 4 mm breed

Thorax                        : bruine dubbing

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Wikkel de binddraad naar de haakbocht en bind het staartmateriaal in. Snijd een tapse plastic trip, knip daar een punt aan en bind daarvan de body, tot de helft van de haaksteel. Bind nu de strip leer in, maak een dubbinglus met de bruine dubbing en bind daarvan de thorax. Wikkel de lus met de patrijsfibers om de thorax en zet de lus ook met de binddraad achter het haakoog vast. Trek de leerstrip strak over de thorax en zet ook dat achter het haakoog vast. Maak twee afbindknopen en lak die af.

 

Fluffie nimf

 

 

Materiaal

Haak                           : nummer 16,14 (gebogen vorm)

Binddraad                    : bruin 8/0

Staart                         : patrijsfibers

Ribbing                       : smal, ovaal zilvertinsel

Body                          : grijze micro chenille

Poten                         : patrijs fibers

Thoraxdekschild          : staalblauwe folie stip (bv. Oliefolie met blauw eronder)

 (op de grote foto wat weggevallen)

 Thorax                        : donkergrijze dubbing

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Wikkel de binddraad naar de haakbocht en bind het staartmateriaal in en de chenille. Maak een winding van de chenille en zorg dat het tinsel daar voor uitsteekt. Bind van de chenille de body, tot de helft van de haaksteel en zet dat vast met de binddraad. Rib de body met de tinsel en zet dat ook met het binddraad vast. Bind nu de foliestrip in, maak een dubbinglus met de bruine dubbing en bind daarvan de thorax. Wikkel de lus met de patrijsfibers om de thorax en zet de lus ook met de binddraad achter het haakoog vast. Trek de foliestrip strak over de thorax en zet ook dat achter het haakoog vast. Maak twee afbindknopen en lak die af.

 

Stijgnimf (begin stadium)

 

 

Materiaal

Haak                           : Tiemco 400T nummer 14 -12

Binddraad                    : beige 8/0

Staart                         : drie fazantenfibers

Ribbing                       : nylon 14/0

Body                          : beige dubbing

Vleugelsegmenten       : punten van bruine biots

Thoraxdekschild          : bruin gevlekte 3,5 mm brede strip Thin skin

Thorax                       : lichtbruine dubbing vermengd met wat Flash brite (goud)                         

                                   Of soortgelijk.

  

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Breng de binddraad naar de haakbocht en bind het staartmateriaal in. Maak een dubbinglus en breng daarin dubbingmateriaal aan. Bind daarvan de body, tot de helft van de haaksteel en zet de dubbinglus vast met de binddraad. Rib de body met het nylon en zet dat ook met de binddraad vast. Kleur de body bovenop  met een bruinen viltstift. Zet nu twee rondgeknipte bruine punten op van biots en daarna de plastic strip. Maak van de dubbing de thorax en bind de plasticstrip er strak over  voor de vleugel, zet de uiteinden van de lussen achter het haakoog vast. Maak twee afbindknopen en lak die af.

 

Vlokreeft

 

 

 Materiaal

 Haak                           : Tiemco TMC 2488 nummer 12- 14

Binddraad                     : grijs 8/0

Staart                           : enkele patrijsfibers

Ribbing                         : nylon 12/00

Body                             : grijze dubbing

Poten                            : patrijsfibers

Thoraxdekschild             : staalblauwe folie (3,5 mm breed)

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Breng de binddraad naar de haakbocht en bind het staartmateriaal in. Bind een stuk nylon in en de folie strip in. Maak een dubbinglus met patrijsfibers en een lus met dubbingmateriaal. Bind van het laatste lus de body, tot achter het haakoog en zet de dubbinglus vast met de binddraad. Rib de body met de lus waarin de fibers zitten en zet dat ook met de binddraad vast. Bind nu de foliestrip strak over de body en zet die achter het haakoog vast Rib de vlieg met het nylon en dat ook achter het haakoog vast. Maak afbindknopen en lak die af.