Secondelijm voor het vliegbinden en vliegvissen

secondelijm

Een tijd geleden ontving ik een mail van iemand die lang geleden vliegen had gebonden. Hij had dat niet meer gedaan maar wilde weer gaan vissen en daarom wilde hij weer vliegbinden. Het leek er op dat hij rond had gekeken op verschillende sites en ook wat boeken gelezen.

 

Deze collega vroeg mij of nog steeds cellulose lak wordt gebruik voor het vastzetten van binddraad, hij had namelijk ook iets gelezen over secondelijm. Dat gaf stof tot nadenken en ik kwam tot de conclusie dat er in de loop der tijd het een en ander is veranderd met het gebruik van hulpmiddelen, te minste als ik zie hoe en waarmee ik zelf bindt.

 

De bindtechnieken en mogelijkheden waar bijvoorbeeld secondelijm voor gebruikt wordt, is behoorlijk uitgebreid.

Binddraad en Celluloselak

Het vastzetten van binddraad kan nog steeds met celluloselak, hoewel sommige dat niet meer doen. Zij wikkelen de draad direct op de haaksteel. Dat kan, maar zijn lieden die het woord degelijk hoog in het vaandel hebben staan en dat toch nog steeds doen.

 

De draad niet lakken gaat in de meeste gevallen goed, maar het is niet ondenkbaar dat je bij het verwisselen van een vlieg van de leadertip de hackle fibers en bodymateriaal naar de haakbocht schuift.

 

Dat gebeurt niet alleen bij zelf gebonden kunstvliegen, ook bij vliegen die je kant-en-klaar koopt kan dat gebeuren. Meestal worden die in hoog tempo gemaakt dat ten koste zou kunnen gaan van de kwaliteit en degelijkheid.

 

Daarom heeft een Amerikaanse vriend van mij, die jaarlijks heel veel kunstvliegen levert in de USA waar hij een groot bedrijf heeft, een atelier opgezet in Indonesië waar hij zijn vliegen laat binden. Onder toezicht van een vriend vindt daar een productie plaats.

 

De reden was dat hij ontevreden was over het product dat bestelde bij een leverancier die vliegen in een Afrikaans land liet binden. Hij vertelde me dat hij daarmee begonnen is toen hij steeds meer vliegen ging leveren. Vanwege vele klachten heeft hij daarom naar een andere mogelijkheid gezocht.

 

Met secondelijm kan je een externe body’s binden van een foamstrip die je van een plaatje Crepla snijdt van 2 of 3 mm dik. Crepla wordt verkocht in hobby zaken of hengelsportwinkels die vliegbind materiaal verkopen. De manier van binden s beschreven in het arrtikel externe body’s hoe maak je ze?.

 

Pale Morning Dun  haak

 

Sommige vinden dat een moeilijke manier om een vlieg te binden. Nu geef ik grif toe dat het niet de gemakkelijkste is, maar met enige oefening lukt het ze te binden. Het resultaat is fraai. Je streeft toch immers altijd naar beter, naar grotere vaardigheden om vliegen te binden.

 

Je kunt de eenvoud na streven, maar uiteindelijk wil je toch niet altijd met simpele vliegen blijven vissen? Je eet toch ook niet elke kaas op je brood? Ook dat gaat op den duur vervelen.

 

Als je toch een eenvoudige wijze wilt voor het binden van een vlieg met een externe body. Kan je die in hetzelfde artikel vinden dat zo even is genoemd. Of kijk naar de beschreven methode in mijn boek ‘Stijgnimfen’ dat uitgegeven is in 1993.

 

De Zweedse firma J:son en vooral Oliver Edwards zijn daar later mee begonnen en gebruiken die techniek voor het binden van hun vliegen. Wie twijfel mocht hebben over wie er nu mee kwam, kan dat zien aan de uitgave van het boek van Oliver dat in 1994 is verschenen.

 

De manier die in Stijgnimfen staat werkt goed, alleen zijn body’s gebonden van Polycelon want daarvoor wordt foam met een open celstructuur gebruikt. Dat was de rede dat ik na heel lang experimenteren gekozen heb voor harder materiaal.

 

Het punt is alleen dat je met Crepla niet dezelfde techniek kunt toepassen als bij Polycelon. Body´s van Crepla zijn harder. Dat materiaal wordt verkocht bij Traditional Hengelsport en onder de naam rubberplaat bij Pipoos.

 

Dat vliegen met een externe body vangen is op mijn laatste vistrip naar Zuid Duitsland wel gebleken. Kritische forellen gaven de voorkeur voor kunstvliegen met een externe body. Een vlieg gebonden met een buchvleugel volgens de standaard gebonden lieten ze voor wat het was.

 

Visser in muhl

 

Verschuiving van materiaal is groter bij goudkopnimfen en streamers. Hierbij speelt de dikte van de leaderpunt een rol. Dikker nylon is sterk, het breekt niet gauw dus kan je er harder aan trekken, maar dan moet je niet je vlieg vast houden want dan gaat het mis. Dat is dan ook een argument om bij een goedkopnimf de haaksteel achter het haakoog in te smeren met secondelijm.

 

In de nog natte lijm maak je dan een takeling van dun nylon of windingen van binddraad waar de kraal nog net over heen schuift. De takeling of windingen smeer je in met secondelijm zodat de kraal muurvast komt te zitten.

 

Het probleem van het verschuiven van materiaal bestaat ook bij streamers. Daarom is het slim om de eerste windingen binddraad met secondelijm vast te zetten. Als ze mij een streamer laten zien heb ik wel eens de nijging om aan het materiaal te gaan draaien, maar onderdruk dat maar want dan is gelijk de vlieg niet meer zoals hij was. Dat zijn enkele voorbeelden bij het vliegbinden. Maar er is meer.

 

Loop junction

Op FFinfo staat een artikel over het aanbrengen van een leader aan een vliegenlijn. Daarvoor bestaan verschillende manieren zoals een naaldknoop. Die voldoet uitstekend maar als het om lichte lijnen en subtiel vissen gaat gebruik ik geen lusverbindingen. Dan lijm ik de leader met secondelijm in de vliegenlijn zoals in het Loop Junction artikel op de site is te lezen. Ik vis al meer dan 25 jaar met leaders die op de beschreven manier zijn bevestigd en ben er heel tevreden mee.