Verhoudingen & bindtechnieken

Voor het binden van een droge vlieg bestaan er verhoudingen die het resultaat bepalen. De onder delen zoals de staartlengte, grootte van de body, vleugellengte en lengte van hackle fibers zijn van belang.


 

A = Vleugel lengte

A = B

B =  A

C = D

E = ½ van het rechte deel van de haak

D = C

F = steellengte haak

 

Uit de tekening van de bindverhoudingen blijkt dat deze voor een standaardvlieg bedoeld zijn, dus niet op een kunstvlieg zoals een sedge, natte vlieg of streamer. Die verhoudingen zijn anders. Als je een droge vlieg bindt zijn er een aantal handelingen die ook regelmatig terugkomen. Eén ervan is het inbinden van een of twee hackles. Over de verhoudingen en het inbinden van een hackle gaat dit artikel. Het zal voor een ervaren binder geen nieuws zijn. Hij heeft ook vaak zijn eigen manier van werken. Die is vertrouwd en hij zal niet zo gauw een andere manier toepassen en terecht. Er zijn verschillende manieren voor het inbinden van een hackle. Een aantal is in dit artikel te zien.  

Eerst de bindtechnieken

Op verschillende sites, in tijdschriften en boeken zie je vaak dat de binddraad direct achter het haakoog wordt opgezet. Volgens mij is er een betere plaats. Heel vaak wordt er op een kunstvlieg een vleugel ingebonden. Die bind je ongeveer 2 tot 2,5 mm achter het haakoog in, afhankelijk van de haakmaat. Bij een kleine haak kan die afstand wat korter zijn.

Voor de vleugel wordt de hackle vastgezet, dat is de kant waar de haakbocht zich bevindt. Als je die inbindt wil je dat de fibers mooi uitstaan, dus recht omhoog. Daardoor krijg je een mooi resultaat, het oog wil uiteindelijk ook wat.

Als de ondergrond ongelijkmatig is loop je de kans dat de middenpen van de hackle kantelt. Dat komt door de wikkelingen van het opzetten van de binddraad en die waarmee je het vleugelmateriaal hebt ingebonden. De fibers kunnen daardoor schuin naar achter wijzen en scheef komen te staan omdat de middenpen van de hackle is gekanteld. Daarom zet ik het binddraad in het midden van de haaksteel op!

Als nog niet zo ervaren bent in het binden is het is slim om de vleugel als eerste in te binden. Je kan dan de verhoudingen beter inschatten. In dit voorbeeld wordt daarmee dus begonnen. De meest ideale vleugel voor een droge vlieg is nog steeds de bunchvleugel. Die is universeel, gemakkelijk in te binden, oerdegelijk en heel praktisch. Een bunchvleugel kan bestaan uit een toef enkele- of dubbele kunststofvezels of fibers uit een borstveer.

Als de binddraad is opgezet wikkel je de draad netjes naar voren, zodat de windingen voor elkaar komen te liggen. Als je op een haak nummer 14 bindt, houd dan circa 2 mm vrij tussen het haakoog en de laatste winding.

Knip dan een stuk Antron af, of nog beter Aero Dry Wing van Tiemco want dat drijft beter. Het heeft een lengte van circa 2 cm. Maak de toef dunner door er wat vezels af te halen. Daardoor wordt de vleugel niet zo dik. Breng wat blanke nagellak aan op de plaats waar de bunchvleugel moet komen. Leg nu de toef aan de onderzijde van de haak, tegen de binddraad aan en trek die onder de binddraad door naar boven op de haaksteel. De draad ligt dan op de toef en de toef op de haaksteel, zoals op de foto is te zien.

 

Zet nu met een paar windingen binddraad de toef los-vast, draai die vervolgens een kwartslag en zet hem dan met kruiswikkelingen vast. De toef staat nu haaks op de haaksteel. Doordat de vleugel in de natte lak is vastgezet, komt zit die goed vast. De vleugeltoef is nog nu vlak (spent) ingebonden en de linker- en rechter toef moeten schuin naar boven wijzen, in een V-vorm.

 

Dat doe je door om de vleugeltoeven windingen binddraad te maken.  Zorg er wel voor dat die zo dicht mogelijk bij de haaksteel komen te liggen. Wikkel je ze hoger om de bunch dan komen de toeven tegen elkaar aan en heb in plaats van twee één vleugel.

Het kan lastig zijn om de lengte van een bunchvleugel in te schatten. Te kort is niet goed, maar een te lang ook niet. Als je een toef vezelmateriaal hebt ingebonden leg je die achterover op de haak. De vleugel moet zo lang zijn als de afstand van de plaats waar hij vast zit, tot circa 1 mm voor de binnenkant van de haakbocht. Knip hem dan daar af.

Als je een vleugel maakt van veerfibers moet je de lengte meteen goed bepalen want fibers moet je liever niet op lengte knippen.

De staart

Nu bind je het staartmateriaal in. Als je ervaring hebt kan je direct beginnen met het inbinden van de staart. Breng de binddraad met regelmatie windingen naar de haakbocht en bind daar drie of vier fibers in. Dat kunnen fibers zijn uit een grote hanenhackle, cock-de-leon hackle of uit de gele nekveer van een goudfazant. De lengte van die fibers is essentieel.

In het verleden werd vaak de steellengte van de haak als staartlengte opgegeven. Momenteel is de trend dat ze langer worden genomen, zolang als de achterkant van haakbocht tot het haakoog plus enkele millimeters.  

 

De Body

Voor de body van een vlieg zijn verschillende materialen te gebruiken. Welke zijn even ondergeschikt, in dit verhaal. De lengte van het in te binden materiaal van groter belang. Bij een standaard vlieg,  zoals op de foto,  is de bodylengte de helft van de haaksteel. Dit is standaard voor een haak die 1x lang is. Als je bijvoorbeeld op een Tiemco haak TMC 100 bindt, is de steellengte langer. Houd daar rekening mee.

De verhouding van een vlieg kan daardoor sterk verschillen. Haak 16 en andere haken kunnen  aanmerkelijk groter uitvallen. Vergelijk haken eens en meet ze eens op oude vertrouwde Engelse Redditch scale, ik denk dat raar opkijkt over de verschillen.

 

Hackles inbinden

Nu is het thema hackles inbinden aan de beurt. De keuze van een veer op een skin is voor velen toch nog lastig, dat kan ik me voorstellen.

De fiberlengte van een hackle moet even lang zijn als de afstand van de haakpunt tot het haakoog. Bij de meeste binders is dat bekend, alleen het kiezen van de hackle, het inschatten van de fiberlengte, is doorgaans toch nog problematisch. Er zijn hackle guids te koop die een goed hulp kunnen zijn. De firma  FDF in Voorschoten (te vinden met Google) levert die.

 

 

 

Zoals blijkt levert Whiting een soortgelijke mal. Als je de goede hackle van een skin hebt gekozen zie je dat de onderzijde pluizig is. Knip eerst de hackle van onderen korter zodat het dikke deel er af is.

 

Dan moet het pluizige deel er af, want dat neemt vocht op. Als je de hackle met de goede kant boven houdt,  knip je het pluizige deel aan die kant die van je af ligt verder weg dan aan de zijde die naar je toe wijst. Knip dicht langs de middenpen (de strem van de hackle). Er ontstaat daardoor een ruig gedeelte waarop het binddraad beter grip heeft. Dat gedeelte is circa 2,5 mm lang. Omdat de middenpen ruig is, kan je die niet onder de wikkelingen binddraad uittrekken.

Leg nu de hackle met het getrimde deel tegen de haaksteel aan. Daar waar het einde van de body is beginnen de fibers op de hackle. Het getrimde deel ligt dus achter de body en gedeeltelijk onder de vleugel. Daar zet je hem vast met de binddraad die je vervolgens naar voren wikkelt tot achter het haakoog.

Nu wordt de hackle ingebonden, een aantal windingen komen voor de body en een aantal voor de vleugel. Op het uiteinden van hackle klem je een hackletang en vervolgens ga je de hackle om de haaksteel wikkelen.

Het is niet ondenkbaar dat tijdens  het wikkelen de punt van de hackle breekt, dat gebeurd zelfs een ervaren binder nog wel. De hackle met de vingers inbinden in plaats van een hackle tang is een oplossing maar niet zo gemakkelijk. Een oud trucje is om de manier te gebruiken zoals dat op de foto te zien is; met een dubbingnaald

 

Aan de achter kant heeft de tang een ring. Nadat de veer in het tangetje zet steek je in de ring  een dubbingnaald en wikkel je de tang rond. Daardoor trek je veel minder hard aan de hackle.

Bij de eerste manier van hackle inbinden wijst die naar achteren.

 

Je kan ook de hackle zo inbinden dat hij naar voren wijst, over het haakoog.

 

 

 De binddraad bevindt zich dan nog steeds voor de body waar je hem vastzet met de binddraad. Het gevolg is dan wel dat je de draad tussen de hacklefibers door naar voren moet brengen, achter het haakoog om die daar vast te zetten. Daardoor kunnen fiber schuin komen te staan.

Een andere, niet zo’n bekende manier om hackles in te binden is de manier zoals die gebriukt wordt om Water walkers te binden. Daarbij worden dan twee hackle ingebonden, aan beide zijde van de haaksteel één. Deze worden dan om de bunchvleugel gewikkeld zodat er een krans van fibers om beide vleugel komt.

 

Het drijfvermogen van zo’n vlieg is prima, maar daar staat tegenover dat de  vlieg vrij dik uitvalt met veel ingebonden fibers. In de tijd dat er geen goed skinnen te koop waren waarop lange hackles zaten werd die manier vaak toegepast.