Het boek 'Belgische vliegen' van Hugo Martel

In Nederland kennen we geen lange geschiedenis in het vliegvissen en binden van kunstvliegen. Het vliegvissen ons begon bij ons omstreeks 1954 toen ontdekt werd dat voorns de kunstvlieg namen. Hier na is het langzaam in een stroomversnelling gekomen.

 

Onze zuiderburen kennen een veel langere geschiedenis in het vissen met de kunstvlieg. Ze hebben dat onder meer te danken aan het feit dat daar gelegenheid voor is in de Ardennen en in het Frans sprekende deel van België.

 

Weet je niet waar je het zoeken moet?

In de site van FFinfo staan veel bindpatronen en artikelen van kunstvliegen.  Soms zijn die niet direct benoemd met het type b.v. droge vliegen, emergers of muggen, maar hebben een andere naam gekregen. Ook wordt er wel eens verwezen naar een thema of een speciaal type vlieg.

Emergers blijven interessant emerger real

Dat de ontdekking van emergers door George Skues zo’n gevolg zou hebben in de ontwikkeling van het vliegbinden, had niemand ooit kunnen vermoeden.

 

In 1870, de tijd dat Skues viste in de Itchen,  was die ontdekking van de levensfase van insecten opzienbarend. Het is een fase die bijna alle insecten ondergaan die het water nodig hebben om zich te muteren.

 

Die ontdekking dat nimfen veranderde in een gevleugeld insect heeft na 1870 echter nooit de aandacht gekregen die het verdiende, dat is merkwaardig.

 

ahlkvist wapsSpeciale vliegen

 

In de honderdste editie van het VNV blad stond in een bijdrage ‘De Wonder-vlieg’ onder andere iets over de Gretting waarmee Ruben Groenendijk zo goed had gevangen in de Glomma.

 

 

Deze Gretting, een speciale creatie, had hij gekregen van een Noor. Wat er niet in het verhaal voorkwam was dat dit een ontwerp is van mijn Zweedse vriend Rolf Ahlkvist die een specialist is in het binden van vliegen met een balsa body.

 

 

 

Rolf is een professionele vliegbinder die in de middel ‘of no were’ woont van Zweden, in Dalamara nabij Vintjärn. Hij leeft overwegend van het binden van kunstvliegen, schrijft soms artikelen voor een Zweeds tijdschrift en vertaald ze ook. Via een relatie kwam ik aan zijn adres.

 

Tien jaar gelden bezig was met het manuscript‘Vliegbinders van 'Europa en hun europaboekkunstvliegen’. Het zou een boek worden waaraan heel bekenderominenten vliegbinders zouden meewerken van Europa. Van professionele binders kwamen 12 of 14 vliegen in het boek en van de amateurs 7 of 8 kunstvliegen.

 

Omdat het boek te omvangrijk is geworden, 780 pagina’s met 680 bindpatronen is het helaas nooit uitgegeven. Er staan vliegen is voor verschillend takken van vliegvisserij, voor het vissen op alle vissen die met kunstvliegen te vangen zijn. Voorn, alle salmoniden soorten en vis die in zee wordt gevangen.

 

Hoewel het boek nooit is uitgegeven heb ik wel een dummy van dat boek en…veel relaties overgehouden, onder andere Rolf Ahlkvist. Net zoals de anderen vliegbinders, die aan het boek meewerkten, stuurde Rolf mij een serie kunstvliegen met balsa body’s de Gjetting en deze de stinkbug. Niet alledaagse vliegen. Tevens kreeg ik er een interessant verhaal er bij.

 

ahlkvist stinkbug

 Eind augustus en in september komen in centraal Zweden massaal stinkwantsen voor die ook in het water terecht komen. Deze wants is bekend onder de naam Dolycoris baccarum, ook wel The Berry bug genoemd.

 

Of salmoniden worden aangetrokken door de lucht is de vraag, maar ze storten zich vol overgave op deze wantsen. In magen van gevangen forellen worden er dan soms dertig tot veertig van deze wantsen aangetroffen. Als ze er zijn is het dan ook heel effectief vissen met een imitatie die op de foto te zien is.

 

Deze creatie komt goed overeen met de silhouet van het echte insect. Het lichaam van de imitatie wordt van balsahout gemaakt en drijft dan ook voortreffelijk.

Omdat ik daar twijfels over had over het bestaan van dat insect, heb het laten natrekken door een vriend van me die als bioloog in Wageningen werkzaam was. Nergens op het continent van Europa komt dat insect namelijk voor en dat gaf wat twijfels, maar …het klopte als bus.

 

Door de vorm van het insect is die niet gemakkelijk die na te binden. Het probleem begint al bij de langgerekte, halfronden vorm. Met het materiaal op de foto lukt dat uitstekend. De imitatie op de foto heeft een balsa body, dat in de vorm is gemaakt en keurig gelakt is. Even achter de haak is een zwarte hackle ingebonden. Bij ons onbekend, maar in Zweden is deze vlieg waanzinnig populair. Dit zijn niet de enige kunststukjes die Rolf Ahlkvist bindt, ook zijn mierimitaties zijn heel fraai.

Flymph

Omstreeks 1937 had de Amerikaan Pete Hidy het idee een nimf te binden met een hacklekrans en ving daar heel goed mee. Eigenlijk was het idee van Pete niet nieuw want omstreeks 1473 werd door Dame Juliana Bernes uit Groot Brittannië reeds softhackle vliegen in een boek beschreven.

De vliegen van Hidy lijken daar op, alleen waren de vliegen van hem wat spaarzamer en iets anders gebonden. De fibers van ingebonden hackles waren ook iets korter. Eric Lesenring heeft het idee opgepakt, daarvoor een vistechniek voor ontwikkeld en er ook een boek over geschreven. De vistechniek komt er in grote lijnen hier op neer.

Het aas wordt schuin stroomopwaarts geserveerd waarna de vlieg meegevoerd wordt door de stroming en zinkt. Aan het eind van de drift wordt de vlieg gelift en volgt meestal een aanbeet. Deze techniek is al in veel boeken beschreven en is heel effectief.

De aanbeet bij de lift is snoeihard en de kans bestaat dat je de vis verspeelt omdat je de lijn strak houd met de lijnhand. Meestal vis ik op de slib van de reel die ik dan iets strakker zet en laat de lijn dan los. De vis haakt zich zelf en dat systeem blijkt veel beter te zijn.

De vliegen van Juliana worden softhackle vliegen genoemd, die aanduiding is gebleven en ingeburgerd. Velen noemen een flymph een natte vlieg. Ze worden inderdaad nat gevist maar een natte vlieg heeft een doorgaans keelhackle en een flymph een krans van zachte fibers die de actie geven. Als nog nooit met een flymph gevist hebt, heb je wat gemist want je kan hier goed mee vangen. Probeer dat maar eens uit. Hierbij een simpel bindpatroon van een flymph voor het vissen op forel en vlagzalm hoewel andere vissen eer ook niet af kunnen blijven.

Materiaal

Haak                           : langstelig 1,5 x nummer 10 – 14. Dik van draad.

Verzwaring                   : eventueel looddraad

Binddraad                     : bruin 8/0

Staart                          : rode fluorescerende wol

Ribbing                         : ovaal zilvertinsel

Body                            : grijze micro chenille

Hackle                          : patrijs fibers en grijze hennenhackle

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en omwikkel de steel met looddraad zet het vast met binddraad en lak. Wikkel de binddraad naar de haakbocht en bind het staartmateriaal in en grijze chenille. Bind daarvan de body, tot 1,5 mm voor het haakoog. Rib de body met het tinsel zet dat ook met de binddraad vast. Maak nu een dubbinglus met patrijsfibers. Zet nu een aan één kant gestripte een hackle op en bind die een paar slagen in. Zet de punt van de hackle achter het haakoog vast. Wikkel nu de dubbinglus met de patrijs fibers door de hackle en zet de punt van de lus achter het haakoog vast. Maak twee afbindknopen en lak die af.

 

Nr. 2 Flymph

 

'Vliegenpraat' nr. 4

Grey tail  

Met natte vliegen en kleine streamers kan je uitstekend,  winde, baars, forel en vlagzalm vangen.  De vraag die telkens weer op duikt is; wanneer het nu een natte vlieg is of een streamer. Daar is lastig een antwoord op te geen want wie in een brochure van een haken fabrikant kijkt  ziet dat bij de streamerhaken soms maten worden genoemd zoals nummer 2 tot en met 10. Haak 10 is vrij klein en wordt ook gebruik voor natte vliegen.

Daardoor  is  waarschijnlijk de verwarring ontstaan.  Grote winde, baars maar ook forel en vlagzalm hebben geen moeite met een grote natte vlieg gebonden op een langstelige haak nummer 10 en die is flink van afmeting.

Zoals bekend is Hein van Aar de River keper op het stuk Glomma dat langs de Kvennan camping stroomt. Hein vist regelmatig met een streamer op vlagzalm en vangt daar mee grote vis. Zelf heb ik wel een vlagzalm gevangen aan een spinner dus groot aas gaan ze niet uit de weg. Met forel is het al net zo en baars heeft daar ook geen moeite mee. Winde pakt ook een grote natte vlieg want ik ving eens een winde van 50 cm aan een Pinky tail die op haak nummer 6 was gebonden. Een flinke vlieg die meer op een streamer lijkt net zoals de vlieg die hier is afgebeeld is. Die is ook best de moeite waard om eens uit te proberen.

 

 

 Materiaal

Haak                          : langstelig Daiichi x220 (1,5x) nummer 6 - 10, of soortgelijk

Verzwaring                 : eventueel looddraad verzwaring

Binddraad                   : grijs 8/0

Staart                        : geknipte grijze hackle

Body                          : Mylar tubing

Vleugel                       : Grijze vos met op de top wat zilver glitter

Keelhackle                  : Parelhoen, groen geverfd

Kop                            : rood gelakt

  

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Wikkel de binddraad naar de haakbocht en bind de staart veer in en maak een afbindknoop. Schuif het Mylar over de haaksteel, raffel het uit en laat het achter uit steken. Zet het bindddraar opnieuw op. Bind nu een borstveer in van een parelhoen voor de keelhackle, hieruit is de punt geknipt. Zet het haar voor de vleugel in en wat zilverglitter. Maak met afbindknopen de kop en lak die zwart of rood met nagellak.

 

 Nr. 4 Grey tail streamer

 

‘Vliegenpraat’ nr.1

Grey mosquito

De eerste vlieg in de serie ‘Vliegenpraat’ is een imitatie van een mug. Muggen komen overal voor van het uiterste puntje in Noorwegen tot ver onder in Bosnië en ze zijn ook nog op andere plaatsen veelvuldig aan te treffen.

Het probleem met een bindpatroon van een mug is het drijfvermogen. Bind daarom de vlieg op een dunne haak en gebruik bindmateriaal dat optimaal drijft. Ook zal die heel goed moeten worden behandeld met ‘Watershed’ of Nanocatch. Dan nog bestaat de kans dat je de imitatie verzopen vist. Hij ‘hangt’ dan gedeeltelijk door de waterspiegel en drijft op zijn vleugel en hackle. Dat is geen bezwaar, want dan is een Mosquito het aantrekkelijkst voor vis. Als je met de vlieg gevangen hebt moet je hem drogen en een moment in een potje ‘Dry shake’ schudden dat Tiemco levert. Daarmee krijg je niet alleen CdC vliegen weer in conditie, maar ook dit soort vliegen.

De body heb ik van een grijze foamstrip gebonden. Dat heeft de eigenschap geen vocht op te nemen. Voor de thorax nam ik kapok-dubbing en het stripje voor het dekschild sneed ik van plakje materiaal van een kunststofkurk. Dat nemen ze  momenteel voor het dichten van wijnflessen. Het is stugger dan foam, vervormt niet en heeft een optimaal drijfvermogen.  Hieronder volgt de materiaal opgave en bindwijze.

Materiaal

Haak               : Gebogen en langstelig van Tiemco TMC 108SP-bl nummer 14.

Binddraad       : Zwart 8/0

Ribbing           : Door middel van een viltstift

Body               : Foamstrip gesneden van een grijs plaatje Crepla dat aan

de bovenkant  met een  bruine viltstift gekleurd is.

Vleugel            : bunchvleugel van grey mallerd fibers plat over het lichaam

ingebonden

Hackle              : Grijze kapok dubbing

Thoraxschild     : Stripje kunststof kurk, van boven grijs of zwart gekleurd

Hackle               : Grizzle, van boven getrimd

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Bind een evenwijdig gesneden foamstrip en bind die even achter het haakoog in.

 

 

 

 

 

 

 

Bind het foam tot in de haakbocht.

 

Knip uit een Mallard hackle de punt en bind het eind in.

Daardoor is de bunch vleugel ontstaan.

 

Snijd een stripje van een kunststofkurk van een wijnfles en maak dat grijs.

Zet een Grizzle hackle op, maak van kapok en wikkel de hackle daarom heen.

 

 

 

 

 

 

 

Bind het stripje in,  maak een thorax van kapok dub of grijze dubbing.

Maak een dubbinglus, breng daarin de kapokdubbing aan en maak daarvan de  thorax , wikkel daarom heen de hackle en trim die aan de bovenkant.Trim bovenop de hackles, leg het stripje kunststof strak over de thorax en zet dat vast met de binddraad. Maak afbindknopen en lak die af. Maak twee afbindknopen en lak die af. Zie het resultaat hierboven.

NB. Niet elke vlieg in ‘Vliegenpraat’ zal met zoveel foto’s worden voorzien. Het zal afhankelijk zijn van de moeilijkheidsgraad van de vlieg

Nr. 1Mosquito

 

'Vliegenpraat'   nr.3

Sedge nimf

Imitaties van Sedges en hun nimfen mogen in een vliegendoos niet ontbreken. Nimfen van een sege zijn te vinden langs de oevers, tussen stenen en de bodem van bijna elk viswater. Volgroeide dieren komen op warme dagen en in de avonduren uit hun schuilplaatsen. Meestal verstoppen ze zich onder bladeren van overhangende boomtakken en struiken. Als je aan het vissen bent moet je maar eens aan een tak schudden. Dan vliegen ze een moment op en kan je ze zien. Op de takken paaien de insecten en vliegen daarna naar de oppervlakte van het water, zetten zich daarop en droppen hun eieren pakket. Bij voorkeuer doen ze dat in de traag stromende, bijna stilstaande stukken van een beek of rivier langs en langs de oevers. Er zijn sedges die in het water duiken en naar de boden gaan om daar hun eieren te droppen.

Na verloop van tijd komen uit de eieren larven die een verschillend leven leiden. Sommige bouwen een kokertje dat ze met zich mee zeulen, andere maken een behuizing vast aan grote stenen. Er zijn ook nimfen die een net maken om daar micro-organismemee mee op te vangen waarvan ze leven. Van dit laatste type is de afgebeelde sedge nimf een imitatie. Omdat ze bij de boden tussen stenen leven moet de imitatie diep worden gevist en is daarom een flinke loodraadverzwaring op de haaksteel noodzakelijk.

 

 

Materiaal

Haak                           : Sedge haak nummer 8- 10

Verzwaring                  : looddraad

Binddraad                    : bruin 8/0

Staart                         : grijze toef Antron

Ribbing                       : Fluor rib of fluorescerende groene wol

Body                          : groene dubbing

Thorax                        : bruin

Keelhackle                  : grove dubbing van een haas

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Wikkel de binddraad naar de haakbocht en bind het staartmateriaal in. Maak een dubbinglus en breng daarin dubbingmateriaal aan. Bind daarvan de body, tot de helft van de haaksteel en zet de dubbinglus vast met de binddraad. Rib de body en zet dat ook met de binddraad vast. Zet nu  het vleugel materiaal op en bind daarna de hackle in. Wikkel de hackle achter en voor de vleugel, zet de punt van de hackle achter het haakoog vast, maak twee afbindknopen en lak die af.

 Nr. 3 Sedge nimf

Wondervliegen

In 2006 gaf Léon Janssen in eigenbeheer een boek ‘Wondervliegen’ uit. Dit interessante boek telt 139 pagina’s en bevat een schat aan informaties over insecten en kunstvliegen voor het vissen op forel en vlagzalm.

 wondervliegen

De jaren lange ervaring en kennis die hij heeft op gedaan met vissen en het binden van kunstvliegen, is voor een deel in dit boek verwerkt met gevolg dat het een heel interessant werk is.

 

Het zal duidelijk zijn dat zo veel kennis niet in één een boek verwerkt kan worden. Léon heeft daarom een tweede boek geschreven en samengesteld dat een vervolg zou kunnen zijn.  Dit boek krijgt de naam ‘Wondervliegen II’

 

Het heeft een totaal andere en verbeterde lay-out met bindpatronen in fases gefotografeerd van kunstvliegen waar hij succes mee heeft en visfoto’s . Op de laatste ‘Fly Fair’in Dronten heeft hij me een uittreksel laten zien en het zag er interessant uit. Gezien de kosten van het boek kan hiervoor ingetekend worden. Informaties kan je vinden op de site van Leon Janssen:

 

De Vlist

De Vlist is een riviertje dat van Haasdrecht tot Schoonhoven loopt. Dat water werd vroeger gebruikt voor de scheepvaart. Turfeikers brachten turf naar de zilverstad en van daar werden weer goederen per schip naar Utrecht gebracht. Dat is lang geleden.

  

Nu varen er alleen nog kano’s op de Vlist. Links en rechts van het water zijn er wegen die vrij druk zijn. De weg rechts van de Vlist, van Haastdrecht richting Schoonhoven is drukker dan op de linkeroever. De schoonheid van de Vlist is bij weinigen bekend.

 

Reactie op ‘Wakker geworden?’

Zoals in het verhaal ‘Wakker geworden’ is aangekondigd heb ik verschillende links gestuurd naar o.a. Sportvisserij Nederland, Groen Links, de Partij van de Dieren, de Dierenbescherming en Green Peace. Ik heb gevraagd of ze het bericht willen lezen en wat ze denken te gaan doen. Al vrij vlot reageerde Sportvisserij Nederland. Het antwoord is, zoals ik verwachte, zeer onbevredigend.