Grote vissen…waar en waarmee?

Vliegvissers vangen graag grote vissen en als het kan, meer dan één. Om die te vangen vraagt niet alleen om de nodige vaardigheid, je moet ook weten waarmee je ze kunt vangen en waar. Voorop gesteld dat grote salmoniden in een rivier of beek voorkomen, zijn dat de factoren die een rol spelen.

 

Voedsel voor vis

Het kan nuttig zijn om te weten wat kleine en grote vissen zoal eten. Enige insectenkennis kan daarom nuttig zijn. Twintig jaar geleden stond ik niet alleen met vliegenhengel in de rivier om op forel te vissen. Dat zoeken naar nimfen had indirect te maken met vliegbinden. Aan de hand van de verkregen informaties over de vorm, kleur en formaat werden imitaties bedacht om er mee te vissen. Met regelmaat zocht ik ook in beken en rivieren welke insecten er in dat betreffende water voorkwamen. Stenen werden omgedraaid en ik ving nimfen en waterdieren met een klein schepnet.

Snelle zwemmer                                                        Moskruiper

 

Trage zwemmer                                                    Steenklever

 

Alles wat in het net zat werd gedetermineerd, bewaard en bekeken hoe ze er precies uit zagen. Dat heb ik een aantal jaren gedaan, onder andere in Oostenrijk, Zuid Duitsland, het voormalige Joegoslavië en in de Scandinavische landen. In verschillende rivieren zocht ik naar allerlei waterinsecten. In viswater dat traag stromende, maar ook in hoger gelegen bergbeken. Meestal kwamen die beken dan weer in de grote rivieren uit die lager gelegen waren. Zo kon er een vergelijking gemaakt worden.

 

Sedge nimf

Insecten zoeken gaf niet alleen een beeld wat er zoal in het water leefde, maar ook andere inzichten. Eén van de conclusies was dat de rivieren die in het lagere voor Alpen gebied stromen en relatief warmer water voeren, een rijker insectenleven kennen. Veel meer dan de hoger gelegen beken en kleine rivieren in het Alpen bereik. Het bestand van grote vissen in de lager gelegen rivieren bleek aanzienlijk groter te zijn. Vissen vinden in zo’n biotoop veel meer en ook ander voedsel dan in bergbeken. Dat is bepalend voor de groei van salmoniden. Het water in bergbeken en rivieren is ijskoud en de reden van het karige insectenleven.

 

Een voorbeeld noemen?

Er zijn vele voorbeelden te noemen, maar een treffend voorbeeld is de Styer en Krümme Styerling in de Styermark in Oostenrijk. Dit is een zeer geliefde rivier om te vliegvissen. Een aantal stukken is in handen is van de Öostenrijkse Frischsereigesellschaft. Ze geven er visvergunningen voor uit, maar die zijn wel peperduur voor dit zeer exclusief stuk water. In dat stuk van de Steyer zit veel vis, kleine maar vooral ook grote forellen.

De gemeente Grünburg had destijds een stuk van 10 km in bezit waarvoor de vergunningen goedkoper waren. In dat stuk rivier heb ik jaren geleden een aantal malen gevist. Daar heb ik ook insecten geschept. De Krümme Steyerling is een grote zijbeek van de Steyer en komt daarin uit. De visstand is er uitstekend en ook daarin zijn insecten geschept. Forellen kunnen vanuit de Styer dit water optrekken, maar ondanks dat zijn de forellen in die grote beek kleiner.

 

De verscheidenheid aan insecten, die in de Steyer voorkomen is enorm. Het water kent niet alleen rustige passages, maar heeft ook snelstromende stukken. In de snelle stukken trof ik heel veel typen nimfen van eendagsvliegen aan. In de rustige stukken nabij de oevers zitten weer andere typen nimfen van eendagsvliegen en steenvliegen dan waar het stroomt.

Ze zoeken dekking tussen wieren en de grote stenen, daar waar ook de vlokreeften soms veelvuldig voorkomen.

 

Vlokreeft

 

Het stuk van Grünburg heeft een prima een bestand aan grote forellen en vlagzalmen. Vangsten van vissen die een afmeting hadden van 45 cm en soms groter, zijn geen uitzondering.

 

 

 

De veel hoger gelegen Krümme Steyling, die zijn oorsprong vindt in de bergen, heeft een uitstekend bestand aan bruine- en regenboog forel evenals beekridders. De laatst genoemde salmoniden soort houdt van het koudere snelstromende water.

Zoals gezegd is het formaat vis in dit water beduidend kleiner dan in de Steyr. Kleinere forellen zijn vaak gemakkelijk te vangen. Ze schuwen een grotere vlieg niet en in een goed bezet water zijn vangsten van 60 of 70 vissen geen uitzondering. Dat zelfde tref je ook aan in een soortgelijke biotoop er in Oostenrijk of andere beken het hooggebergte.

 

In koudere beken zijn nimfen en waterdieren spaarzamer en vaak ook nog kleiner. Nog afgezien van de watertemperatuur is er ook geen begroeiing. Ik ben in dat type water spaarzaam nimfen van eendagsvliegen tegengekomen en wat meer nimfen van steenvliegen. Dat is natuurlijk geen standaard situatie het kan verschillen en er zijn uitzonderingen.

 

Steenvliegnimf

 

De Steyr bij Grünburg kent plaatsen waar je een vlieg moeilijk kunt serveren, dat vanwege obstakels achter je. Er zijn ook plekken die diep zijn dat je er bijna niet kunt waden en je vlieg niet kunt serveren bij de oever. Daar staan nu net de groten. Over de diepe plaatsen langs de oevers hangen ook vaak takken van bomen en struiken. Grote vis is kritisch en moeilijk zijn te benaderen.

Ze nemen dan ook beslist niet elke vlieg en zijn vaak alleen te vangen vlak voor het donker worden. Dan kan je soms alleen nog maar vangen met een vlieg die net iets anders is, die verschilt aan die waarmee doorgaans gevist wordt. De juiste presentatie van een kleine soft-hackle vlieg of of nimf is essentieel. Wil je met droge vlieg vissen dan zijn kleine vliegjes effectief.

 

Het verhaal over entomologie van de Steyer en Krümme Steyerlingen en de geschetste situaties die genoemd zijn, berusten op ervaringswaarden. Ze worden gedeeld wordt door vele vliegvissers, hier en in het buitenland.

 

Waarmee en hoe ze te vissen

Moeilijke standplaatsen heb je in bijna elke rivier, waar dan ook. En om die grote vissen te vangen die daar kunnen ‘staan’ moet je dan ook zo ver mogelijk weg te blijven van die oevers, als dat gaat. Serveer de vlieg over grote afstand, want dan verstoor je ze niet. Grote vissen zijn kritisch en…wantrouwend en schuw. Ze zijn niet voor niets zo groot geworden! Zodra ze maar merken dat er iets niet in orden is laten ze de vlieg voor wat het is.

Als je met de droge vlieg wil vissen, neem dan een klein vliegje gebonden op haak 18 of 20. De ervaring heeft geleerd dat ze alleen daarmee nog te vangen zijn. Nimfen, soft-hackle vliegen en emergers mogen wat groter zijn, maar bind die ook niet te groot.

Kleine haken haken minder goed in de bek van een vis als grotere. Zet daarom de punt van de haak iets naar buiten.

 

Het zal duidelijk zijn dat die vistechniek nu niet bepaald eenvoudig is. Want als een kleine vlieg ver weg geserveerd is, kan je hem soms nauwelijks nog zien. Ze zijn nog te volgen als ze goed opvallen, doordat ze bijvoorbeeld een opvallende vleugel hebben.

In mijn vest zit een klein doosje met minivliegjes, die ik speciaal voor die visserij heb gebonden. Als ik een plek tegen kom die aantrekkelijk kunnen zijn voor grote vissen, wordt er zo’n ‘mini’ aan de leader geknoopt.

Het zal duidelijk zijn dat zulke vliegjes aan een dunne leaderpunt gevist moeten worden. Dun Fluorcarbon 12/00 is sterk en geschikt voor die visserij. Om dunner te gebruiken is een risico en vraagt om de nodige vaardigheid en routine bij de dril. Doorgaans worden kleine vliegen met een lichte hengel gevist, voor een vier of drie lijn.

Verrassingen zijn niet uitgesloten. Deze keer is het me weer het volgende overkomen. Bij het vissen in de Hintersee van Hotel Bräurup, haakte ik een kleine forel. Bij het binnen halen kwam er en grote forel mee die hem wilde pakken. Het leek er op alsof ik met levend aas aan het vissen was.

Dit was overigens niet de eerste keer, want een aantal jaren terug had ik tot twee keer toe zo’n zelfde situatie in de Ybbs. Een grote forel had toen de kleine in zijn bek. Ik kon hem op een grindbank trekken en pakken, waarna hij de kleinere vis pas los liet.

Wees voorbereid op verrassingen en een aanbeet en een aanbeet van een grote vis. Vaak verraad slechts een kleine ring een aanbeet. Kleinere vissen maken meer drukte en azen met een grotere ring aan het wateroppervlak. Het is lastig in te schatten en gebeurt onverwachts en als je een ‘bak’ van een forel haakt. Je hebt dan niet alleen je handen vol, het zal ook je hart sneller doen slaan.

 

 

 

 

Iron Blue dun

Haak : 20 - 18

Binddraad : bruin 14/0 of 12/0

Staart : grijze fibers van een Cock-de-Leon hackle (langer dan standaardlengte)

Body : één herl uit een grijze veer, bv. van een reiger

Vleugel : dunne toef grijze Antron of Aero Dry Wing

Hackle : medium dun

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Zet anderhalve mm voor het haakoog een bunch grijze kunststofvezels op voor de vleugel met kruiswindingen, alvorens de haaksteel gelakt te hebben. Zet drie fibers op voor de staart op een grijze herl.

Bind van de herl de body tot circa 1 mm voor de vleugel. Trim het web van een hackle aan de kant, waar hij om de haaksteel wordt gedraaid, iets meer dan de andere kant. Bind de hackle aan de onderkant van de haaksteel in, gedeeltelijk onder de vleugel.

Knip nu de bunchvleugel op lengte (iets langer dan de haaksteel en de hackle fiber). Wikkel de hackle achter- en voor de vleugel in. Zet de punt achter het haakoog vast, maak enkele afbindknopen en lak die spaarzaam.

 

 

 

 

Mini Grizzle

Haak : 20

Binddraad : zwart 12/0

Body : lichtgrijze dubbing

Hackle : Grizzle hackle

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Breng de binddraad naar de haakbocht. Maak een dubbinglus, breng hierin grijze dubbing aan en bind van de herl de body tot circa 2 mm voor het haakoog. Trim het web van een hackle, aan de kant waar hij om de haaksteel wordt gedraaid, iets meer dan de andere kant. Bind de hackle op de haaksteel.

Zet de punt van de veer achter het haakoog vast, maak enkele afbindknopen en lak die spaarzaam.

 

 

 

BWO

Haak : 18

Binddraad : bruin 12/0

Staart : drie zwart/wit gevlekte Cock-de-Leon fibers (iets langer houden)

Body : groene quill van een hackle (het dikkere deel gebruiken)

Vleugel : dubbele bunch vleugel van lichtblauwe Antron

Hackle : ginger

 

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Zet 1,5 mm voor het haakoog een bunch van licht blauwe kunststofvezels voor de vleugel in met kruiswindingen, alvorens de haaksteel gelakt te hebben. Zet drie fibers op voor de staart in en de groen quill.

Bind van de quill de body tot circa 1 mm voor de vleugel. Trim het web van een hackle aan de kant, waar hij om de haaksteel wordt gedraaid iets meer dan de andere kant. Bind de hackle aan de onderkant van de haaksteel in, gedeeltelijk onder de vleugel.

Knip nu de bunchvleugel op lengte (iets langer dan de haaksteel). Wikkel de hackle achter de vleugel en voor de vleugel in. Zet de punt achter het haakoog vast, maak enkele afbindknopen en lak die spaarzaam.

 

 

CdC and foam

Haak : 20

Binddraad : zwart 20/0

Body : stripje zwart Crepla

Vleugel : een of twee punten van CdC hackles (naturel)

 

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en zet de binddraad in het midden van de haaksteel op. Breng de binddraad naar de haakbocht. Zet een stripje zwarte foam op en maak daarvan de body tot circa 1,5 mm voor het haakoog. Bind de punt van een CdC hackle op de haaksteel vast, maak enkele afbindknopen en lak die spaarzaam. Dit vliegje is al menigmaal de oplossing geweest als vissen het moeilijk doen.

 

 

 

 

Black Tunder

Haak : Partridge GRS12ST nummer 18

Kraal : zwart

Binddraad : zwart 12/0

Staart : zwarte fibers

Body : zwarte D - rib (plastic)

Thorax : pauwenfibers

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice en schuif de kraal op de haaksteel. Zet de binddraad in het midden van de haaksteel op en breng de binddraad naar de haakbocht. Bind enkele fibers voor de staart in en een stuk D - rib. Maak van het plastic de body tot circa 3 mm voor de kraal.

Bind één of twee pauwenfibers is en maak daarvan de body. Zet de fibers achter de kraal vast, maak enkele afbindknopen.

 

 

 

Brachy Pupa

Haak : 16 - 18

Binddraad : zwart 12/0

Staart : stukje zwarte Micro chenille

Body : olijfgroene dubbing

Hackle : hennen hackle zwart

Bindwijze

Plaats de haak in de vice, zet de binddraad in het midden van de haaksteel op en breng de binddraad naar de haakbocht. Neem een stukje zwarte Micro chenille en smelt het uiteinde samen met en aansteker. Bind een stukje van circa 7 mm op de haaksteel en breng de binddraad weer naar de haakbocht, Maak een dubbinglus en breng hierin olijfgroenen dubbing aan. Maak daarvan de body tot circa 1,5 mm voor het haakoog. Bind een hennenhackle enkele slagen in, maak enkele afbindknopen en lak die af.

 

 

 

 

Vlokreeft

Haak : Tiemco TMC 2488 nummer 14 - 12

Binddraad : gris 12/0

Verzwaring : eventueel koper- of looddraad

Staart : 12/00 nylon geribd met een tang

Ribbing : 12/00 nylon

Body : SLF, grijs vermengd met wat bruin

Thoraxdekschild : 4 mm strip grijze Thin-skin of Flexi body

Hackle : Patrijsfbers in een dubbinglus

 

Bindwijze

Plaats de haak in de vice, zet de binddraad in het midden van de haaksteel op en breng de binddraad naar de haakbocht. Neem een stukje nylon, rib dat met de bekken van een tang en bind het in als staart sprieten. Bind een lang stuk 12/00 nylon op de haaksteel en zet het vast tot nabij de haakbocht. Snijd een 3,5 mm brede strip plastic, knip er de hoeken van af in bind dat op de haaksteel in. Maak twee dubbinglussen, breng in een dubbingmix aan en draai de lus ineen. Maak daarvan de body tot circa 1 mm voor het haakoog. Zet in de andere lus (met een papierklem) hackle fibers van een Patrijs hackle en daar de lus ineen. Wikkel die lus met wijde slagen om de body en zet het uiteinde vast achter het haak Leg nu het plastic strak over de body en zet het achter het oog vast. Rib het nylon het plastic met wijde slagen en zet dat ook achter het haakoog vast. Maak enkele afbindknopen en lak die af.